![]() |
|
|---|---|
| Onderwerp | mannenkop |
| Jaar | 1931 of eerder |
| Gesigneerd | Twee keer op de achterzijde, (op de sokkel en de kop zelf) moeilijk leesbaar maar wel herkenbaar. |
| Materiaal | zand en cement |
| Afmetingen | lbh: 35 x 25 x 55 cm |
| Aanwezigheid | Kröller-Müller Museum, Otterlo |
| Bijzonderheden | Het beeld heeft als inventarisatie nummer KM 112.599.
Het is in 1966 door tante aan het museum geschonken. Zij gaat naar een flat gaat verhuizen en moet haar atelier-aan-huis leeg maken. Correspondentie over deze schenking is aanwezig. (zie onder) Plasschaert schrijft in de Amsterdammer, weekblad voor Nederland, van 25 april 1931 over het beeld onder het kopje: Op Arti et Amicitia te Amsterdam. Studies: "Wat het beeldhouwwerk aangaat, ik zag er één van Mej. Rueb, een mannenkop; het is de tweede keer dat ik haar niet totaal banaal vind; na den Chinees deze Magere." Met "den Chinees" zal Wang Koan Ky bedoeld worden. |
brief dd 14 november 1966:
|
|
brief dd 9 december 1966:


